Vertaling van ontkleed
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
uitkleden, ontkleden {ww.}
uitkleden
ontkleden {ww.}
ontkleden {ww.}
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij/zij/het ontkleedt
ik kleed uit
jij kleedt uit
hij/zij/het kleedt uit
» meer vervoegingen van uitkleden
bloot, naakt, ontkleed, nakend {zn.}
bloot
naakt
ontkleed
nakend {zn.}
naakt
ontkleed
nakend {zn.}
ontkleden, uitkleden {ww.}
ontkleden
uitkleden {ww.}
uitkleden {ww.}
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij/zij/het ontkleedt
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij/zij/het ontkleedt
» meer vervoegingen van ontkleden
ontkleden, uitkleden {ww.}
ontkleden
uitkleden {ww.}
uitkleden {ww.}
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij/zij/het ontkleedt
ik ontkleed
jij ontkleedt
hij/zij/het ontkleedt
» meer vervoegingen van ontkleden