Vertaling van ontsporen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
ontsporen, derailleren {ww.}
ontsporen
derailleren {ww.}

ik derailleer
jij derailleert
hij/zij/het derailleert

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen

ontsporen, dolen, dwalen, zondigen {ww.}
ontsporen
dolen
dwalen
zondigen {ww.}

ik dool
jij doolt
hij/zij/het doolt

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen

uit de rails lopen, ontsporen {ww.}
uit de rails lopen
ontsporen {ww.}

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen

uit de rails lopen, uit het spoor raken, ontsporen {ww.}
uit de rails lopen
uit het spoor raken
ontsporen {ww.}

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen

uit de rails lopen, ontsporen {ww.}
uit de rails lopen
ontsporen {ww.}

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort

ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen

derailleren, ontsporen {ww.}
derailleren
ontsporen {ww.}

ik derailleer
jij derailleert
hij/zij/het derailleert

ik derailleer
jij derailleert
hij/zij/het derailleert
» meer vervoegingen van derailleren



Gerelateerd aan ontsporen

derailleren - dolen - dwalen - zondigen - uit de rails lopen - uit het spoor rakenhandelen - aanbelanden