Vertaling van dwalen
afdwalen
van de weg afwijken
dwalen {ww.}
ik dwaal af
jij dwaalt af
hij/zij/het dwaalt af
ik verdwaal
jij verdwaalt
hij/zij/het verdwaalt
» meer vervoegingen van verdwalen
een fout maken
ernaast zitten
dwalen {ww.}
ik dwaal
jij dwaalt
hij/zij/het dwaalt
ik dwaal
jij dwaalt
hij/zij/het dwaalt
» meer vervoegingen van dwalen
zwerven
ronddwalen
ronddolen
dwalen
dolen {ww.}
ik dool
jij doolt
hij/zij/het doolt
ik waar
jij waart
hij/zij/het waart
» meer vervoegingen van waren
dolen
dwalen
zondigen {ww.}
ik dool
jij doolt
hij/zij/het doolt
ik ontspoor
jij ontspoort
hij/zij/het ontspoort
» meer vervoegingen van ontsporen
zwerven
zwalken
rondtrekken
ronddolen
dwalen
dolen {ww.}
ik dool
jij doolt
hij/zij/het doolt
ik zwerf rond
jij zwerft rond
hij/zij/het zwerft rond
» meer vervoegingen van rondzwerven
dolen
omdolen
dwalen {ww.}
ik dool
jij doolt
hij/zij/het doolt
ik dwaal rond
jij dwaalt rond
hij/zij/het dwaalt rond
» meer vervoegingen van ronddwalen