Vertaling van overtrekken

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
overtrekken, bekleden {ww.}
overtrekken
bekleden {ww.}

ik bekleed
jij bekleedt
hij/zij/het bekleedt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

slaafs volgen, overtrekken, natrekken, calqueren {ww.}
slaafs volgen
overtrekken
natrekken
calqueren {ww.}

ik calqueer
jij calqueert
hij/zij/het calqueert

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

overtrekken {ww.}
overtrekken {ww.}

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

snelheid verliezen, overtrekken {ww.}
snelheid verliezen
overtrekken {ww.}

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

overtrekken {ww.}
overtrekken {ww.}

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

overtrekken {ww.}
overtrekken {ww.}

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

overtrekken {ww.}
overtrekken {ww.}

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt

ik overtrek
jij overtrekt
hij/zij/het overtrekt
» meer vervoegingen van overtrekken

overhalen, overtrekken, calqueren, overtekenen {ww.}
overhalen
overtrekken
calqueren
overtekenen {ww.}

ik calqueer
jij calqueert
hij/zij/het calqueert

ik haal over
jij haalt over
hij/zij/het haalt over
» meer vervoegingen van overhalen

Ze kan hem niet overhalen om voor haar een nieuwe auto te kopen.
Ze kan hem niet overhalen om voor haar een nieuwe auto te kopen.
kleuren, overdrijven, opblazen, opkloppen, overtrekken, oppijpen, hyperboliseren {ww.}
kleuren
overdrijven
opblazen
opkloppen
overtrekken
oppijpen
hyperboliseren {ww.}

ik hyperboliseer
jij hyperboliseert
hij/zij/het hyperboliseert

ik kleur
jij kleurt
hij/zij/het kleurt
» meer vervoegingen van kleuren

Tom heeft de neiging te overdrijven.
Tom heeft de neiging te overdrijven.
De kleuren van de Amerikaanse vlag zijn rood, wit en blauw.
De kleuren van de Amerikaanse vlag zijn rood, wit en blauw.
overhalen, overtrekken {ww.}
overhalen
overtrekken {ww.}

ik haal over
jij haalt over
hij/zij/het haalt over

ik haal over
jij haalt over
hij/zij/het haalt over
» meer vervoegingen van overhalen

overdrijven, overtrekken, voorbijtrekken {ww.}
overdrijven
overtrekken
voorbijtrekken {ww.}

ik overdrijf
jij overdrijft
hij/zij/het overdrijft

ik overdrijf
jij overdrijft
hij/zij/het overdrijft
» meer vervoegingen van overdrijven

overtrek [m] (de/het ~) {zn.}
overtrek [m] (de/het ~) {zn.}