Vertaling van scoren
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
een doelpunt maken {ww.}
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
ik scoor
jij scoort
hij/zij/het scoort
» meer vervoegingen van scoren
scoren
scoren {ww.}
ik schiet in
jij schiet in
hij/zij/het schiet in
ik schiet in
jij schiet in
hij/zij/het schiet in
» meer vervoegingen van inschieten