Vertaling van snoeien
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
snoeien {ww.}
snoeien {ww.}
ik snoei
jij snoeit
hij/zij/het snoeit
ik snoei
jij snoeit
hij/zij/het snoeit
» meer vervoegingen van snoeien
snoeien {ww.}
snoeien {ww.}
ik snoei
jij snoeit
hij/zij/het snoeit
ik snoei
jij snoeit
hij/zij/het snoeit
» meer vervoegingen van snoeien
knippen, scheren, snoeien {ww.}
knippen
scheren
snoeien {ww.}
scheren
snoeien {ww.}
ik knip
jij knipt
hij/zij/het knipt
ik knip
jij knipt
hij/zij/het knipt
» meer vervoegingen van knippen
Ik moet me scheren.
Ik moet me scheren.
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
Knippen, wassen en drogen alstublieft.
snoeien, beknibbelen, ombuigen, bezuinigen {ww.}
snoeien
beknibbelen
ombuigen
bezuinigen {ww.}
beknibbelen
ombuigen
bezuinigen {ww.}
ik beknibbel
jij beknibbelt
hij/zij/het beknibbelt
ik snoei
jij snoeit
hij/zij/het snoeit
» meer vervoegingen van snoeien