Vertaling van tuffen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
spuwen, spugen, tuffen, kwatten, kwalsteren {ww.}
spuwen
spugen
tuffen
kwatten
kwalsteren {ww.}
spugen
tuffen
kwatten
kwalsteren {ww.}
ik kwalster
jij kwalstert
hij/zij/het kwalstert
ik spuw
jij spuwt
hij/zij/het spuwt
» meer vervoegingen van spuwen
De boete voor spuwen bedraagt vijf pond.
De boete voor spuwen bedraagt vijf pond.
In Singapore is op de grond spuwen een misdaad.
In Singapore is op de grond spuwen een misdaad.
autorijden, tuffen {ww.}
autorijden
tuffen {ww.}
tuffen {ww.}
ik rijd auto
jij rijdt auto
hij/zij/het rijdt auto
ik rijd auto
jij rijdt auto
hij/zij/het rijdt auto
» meer vervoegingen van autorijden
Kunt u autorijden?
Kunt u autorijden?
Kun je autorijden?
Kun je autorijden?