Vertaling van uitvouwen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
opzetten, uitvouwen, uitspreiden, ontvouwen {ww.}
opzetten
uitvouwen
uitspreiden
ontvouwen {ww.}
uitvouwen
uitspreiden
ontvouwen {ww.}
ik zal ontvouwen
ik zou ontvouwen
jij zult ontvouwen
ik zal opzetten
ik zou opzetten
jij zult opzetten
» meer vervoegingen van opzetten
Men moet een helm opzetten om het hoofd te beschermen.
Men moet een helm opzetten om het hoofd te beschermen.
Misschien moet jij dan een mondkapje opzetten.
Misschien moet jij dan een mondkapje opzetten.
uitvouwen, ontvouwen, openvouwen {ww.}
uitvouwen
ontvouwen
openvouwen {ww.}
ontvouwen
openvouwen {ww.}
ik zal ontvouwen
ik zou ontvouwen
jij zult ontvouwen
ik zal uitvouwen
ik zou uitvouwen
jij zult uitvouwen
» meer vervoegingen van uitvouwen