Vertaling van weerkaatsen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
weerkaatsen {ww.}
weerkaatsen {ww.}
hij/zij/het weerkaatst
zij weerkaatsen
hij/zij/het weerkaatst
zij weerkaatsen
» meer vervoegingen van weerkaatsen
weerspiegelen, weerkaatsen, spiegelen, terugkaatsen, reflecteren {ww.}
weerspiegelen
weerkaatsen
spiegelen
terugkaatsen
reflecteren {ww.}
weerkaatsen
spiegelen
terugkaatsen
reflecteren {ww.}
ik reflecteer
jij reflecteert
hij/zij/het reflecteert
ik spiegel
jij spiegelt
hij/zij/het spiegelt
» meer vervoegingen van spiegelen
Mijn ogen zijn een oceaan waarin mijn dromen weerspiegelen.
Mijn ogen zijn een oceaan waarin mijn dromen weerspiegelen.
weerkaatsen, terugkaatsen, kaatsen {ww.}
weerkaatsen
terugkaatsen
kaatsen {ww.}
terugkaatsen
kaatsen {ww.}
ik kaats
jij kaatst
hij/zij/het kaatst
ik kaats terug
jij kaatst terug
hij/zij/het kaatst terug
» meer vervoegingen van terugkaatsen
terugkaatsen, weerkaatsen {ww.}
terugkaatsen
weerkaatsen {ww.}
weerkaatsen {ww.}
ik kaats terug
jij kaatst terug
hij/zij/het kaatst terug
ik kaats terug
jij kaatst terug
hij/zij/het kaatst terug
» meer vervoegingen van terugkaatsen