Vertaling van wetenschap

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
wetenschap [v] {zn.}
wetenschap [v] {zn.}
Scheikunde is een oude wetenschap.
Scheikunde is een oude wetenschap.
Wetenschap (kennis) is macht
Wetenschap (kennis) is macht
kennen, kennis [v], wetenschap [v] {zn.}
kennen
kennis [v]
wetenschap [v] {zn.}
We kennen hem.
We kennen hem.
We kennen elkaar niet.
We kennen elkaar niet.
wetenschap [v] (de ~) {zn.}
wetenschap [v] (de ~) {zn.}
Zijn vader wijdde zijn leven aan de wetenschap.
Zijn vader wijdde zijn leven aan de wetenschap.
Door wetenschap de duisternis overwinnen
Door wetenschap de duisternis overwinnen
wetenschap [v] (de ~) {zn.}
wetenschap [v] (de ~) {zn.}
Een man landde op de maan. Een muur viel in Berlin. Een wereld werd aaneengesloten door onze wetenschap en verbeelding.
Een man landde op de maan. Een muur viel in Berlin. Een wereld werd aaneengesloten door onze wetenschap en verbeelding.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Scheikunde is een oude wetenschap.

Scheikunde is een oude wetenschap.

Wetenschap (kennis) is macht

Wetenschap (kennis) is macht

Zijn vader wijdde zijn leven aan de wetenschap.

Zijn vader wijdde zijn leven aan de wetenschap.

Door wetenschap de duisternis overwinnen

Door wetenschap de duisternis overwinnen

Een man landde op de maan. Een muur viel in Berlin. Een wereld werd aaneengesloten door onze wetenschap en verbeelding.

Een man landde op de maan. Een muur viel in Berlin. Een wereld werd aaneengesloten door onze wetenschap en verbeelding.

Noch macht, noch rijkdom, maar slechts het gezag van de wetenschap blijft bestaan

Noch macht, noch rijkdom, maar slechts het gezag van de wetenschap blijft bestaan


Gerelateerd aan wetenschap

kennen - kennisbezigheid - beroepsgroep