Betekenis van:
brook

brook
Zelfstandig naamwoord
  • klein, smal, veelal stilstaand water
  • a natural stream of water smaller than a river (and often a tributary of a river)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

brook
Zelfstandig naamwoord
  • stromend water
  • a natural stream of water smaller than a river (and often a tributary of a river)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

brook
Zelfstandig naamwoord
  • beek
  • a natural stream of water smaller than a river (and often a tributary of a river)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brook
Werkwoord
  • kunnen gebruiken zonder last
  • put up with something or somebody unpleasant

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brook
Werkwoord
  • dulden, gedogen, harden, velen, verduren
  • put up with something or somebody unpleasant

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brook
Werkwoord
  • kampen
  • put up with something or somebody unpleasant

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to brook
Werkwoord
  • doorstaan, doormaken, getroosten
  • put up with something or somebody unpleasant

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen