Betekenis van:
furrow

to furrow
Werkwoord
  • met een schaaf werken
  • hollow out in the form of a furrow or groove
"furrow soil"

Synoniemen

Hyperoniemen

to furrow
Werkwoord
    • make wrinkled or creased
    "furrow one's brow"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to furrow
    Werkwoord
      • cut a furrow into a columns

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      furrow
      Zelfstandig naamwoord
      • oneffen plaats
      • a slight depression in the smoothness of a surface

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      furrow
      Zelfstandig naamwoord
      • plooi of groef in de huid
      • a slight depression in the smoothness of a surface

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      furrow
      Zelfstandig naamwoord
        • a long shallow trench in the ground (especially one made by a plow)

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        furrow
        Zelfstandig naamwoord
        • rillijn
        • a slight depression in the smoothness of a surface

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        furrow
        Zelfstandig naamwoord
        • vouw
        • a slight depression in the smoothness of a surface

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen