Betekenis van:
fold

to fold
Werkwoord
  • vouwen maken
  • bend or lay so that one part covers the other
"fold up the newspaper"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fold
Werkwoord
  • tot pakketje dichtvouwen
  • bend or lay so that one part covers the other
"fold up the newspaper"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to fold
Werkwoord
    • become folded or folded up
    "The bed folds in a jiffy"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to fold
    Werkwoord
    • opwippen
    • bend or lay so that one part covers the other
    "fold up the newspaper"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to fold
    Werkwoord
      • incorporate a food ingredient into a mixture by repeatedly turning it over without stirring or beating

      Hyperoniemen

      to fold
      Werkwoord
        • confine in a fold, like sheep

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to fold
        Werkwoord
        • stilleggen, lamleggen, platgooien, platleggen
        • cease to operate or cause to cease operating

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to fold
        Werkwoord
        • platliggen, stilliggen
        • cease to operate or cause to cease operating

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • onbedoelde vouw in stof of papier; onbedoelde vouw in stof of papier
        • an angular or rounded shape made by folding
        "a fold in the napkin"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • gerecht met geklopt eiwit
        • a pen for sheep

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • verblijfplaats voor schapen
        • a pen for sheep

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • plooi v.d. huid
        • a folded part (as in skin or muscle)

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • gezamenlijke gelovigen
        • a group of people who adhere to a common faith and habitually attend a given church

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • vereniging van personen die volgens bepaalde, door de paus goedgekeurde regels leven
        • a group of people who adhere to a common faith and habitually attend a given church

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • iemand die naar kerk gaat
        • a group of people who adhere to a common faith and habitually attend a given church

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • fels
        • the act of folding
        "he gave the napkins a double fold"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
        • plooi, soufflé
        • an angular or rounded shape made by folding
        "a fold in the napkin"

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        fold
        Zelfstandig naamwoord
          • a geological process that causes a bend in a stratum of rock

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          fold
          Zelfstandig naamwoord
            • a group of sheep or goats

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            fold
            Zelfstandig naamwoord
            • kerkvolk
            • a group of people who adhere to a common faith and habitually attend a given church

            Synoniemen

            Hyperoniemen

            Hyponiemen