Betekenis van:
gross

gross
Bijvoeglijk naamwoord
visible to the naked eye (especially of rocks and anatomical features)

Synoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
lacking fine distinctions or detail
gross
Bijvoeglijk naamwoord
repellently fat

Synoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
zonder belastingaftrek; bruto; bruto
before any deductions
gross
Bijvoeglijk naamwoord
plat; onbeschaafd; ordinair; platvloers
conspicuously and tastelessly indecent

Synoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
heel opvallend
conspicuously and outrageously bad or reprehensible

Synoniemen

Hyperoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
conspicuously and outrageously bad or reprehensible

Synoniemen

Hyperoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
in ernstige mate
conspicuously and outrageously bad or reprehensible

Synoniemen

Hyperoniemen

gross
Bijvoeglijk naamwoord
without qualification; used informally as (often pejorative) intensifiers

Synoniemen

gross
Zelfstandig naamwoord
loon zonder aftrek; loon zonder aftrek
the entire amount of income before any deductions are made

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

gross
Zelfstandig naamwoord
inkomsten
the entire amount of income before any deductions are made

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

gross
Zelfstandig naamwoord
totaal aan ontvangen geld; toegangsgeld
the entire amount of income before any deductions are made

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

gross
Zelfstandig naamwoord
grootste deel
twelve dozen

Synoniemen

Hyperoniemen

to gross
Werkwoord
earn before taxes, expenses, etc.

Hyperoniemen