Betekenis van:
internal

internal
Bijvoeglijk naamwoord
  • het doel treffend
  • inside the country
"the nation's internal politics"

Synoniemen

internal
Bijvoeglijk naamwoord
    • happening or arising or located within some limits or especially surface
    "internal organs"
    "internal mechanism of a toy"
    internal
    Bijvoeglijk naamwoord
      • innermost or essential
      "the internal contradictions of the theory"

      Synoniemen

      internal
      Bijvoeglijk naamwoord
      • staatkundig
      • inside the country
      "the nation's internal politics"

      Synoniemen

      internal
      Bijvoeglijk naamwoord
        • located inward
        "an internal sense of rightousness"

        Synoniemen

        internal
        Bijvoeglijk naamwoord
          • occurring within an institution or community

          Synoniemen