Betekenis van:
stab

stab
Zelfstandig naamwoord
  • steek met of van een mes
  • a strong blow with a knife or other sharp pointed instrument
"one strong stab to the heart killed him"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

stab
Zelfstandig naamwoord
  • steek met een dolk
  • a strong blow with a knife or other sharp pointed instrument
"one strong stab to the heart killed him"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

stab
Zelfstandig naamwoord
  • keer dat je steekt of gestoken wordt
  • a strong blow with a knife or other sharp pointed instrument
"one strong stab to the heart killed him"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

stab
Zelfstandig naamwoord
    • a sudden sharp feeling
    "she felt a stab of excitement"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    stab
    Zelfstandig naamwoord
      • informal words for any attempt or effort
      "he took a stab at forecasting"

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to stab
      Werkwoord
      • met een scherp voorwerp doorboren
      • use a knife on

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to stab
      Werkwoord
      • een stekende beweging maken
      • poke or thrust abruptly

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to stab
      Werkwoord
      • zich verwonden met snijden
      • use a knife on

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to stab
      Werkwoord
      • prikken
      • stab or pierce

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to stab
      Werkwoord
      • priemen, steken
      • stab or pierce

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to stab
      Werkwoord
      • toesteken
      • use a knife on

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen