Betekenis van:
hurt

to hurt
Werkwoord
  • (iem.) pijnlijk treffen in zijn eergevoel
  • hurt the feelings of
"She hurt me when she did not include me among her guests"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to hurt
Werkwoord
  • in hoge mate last hebben
  • feel pain or be in pain

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to hurt
Werkwoord
  • pijn doen door schaven
  • be the source of pain

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to hurt
Werkwoord
  • bezeren
  • give trouble or pain to
"This exercise will hurt your back"

Hyperoniemen

Hyponiemen

to hurt
Werkwoord
    • cause damage or affect negatively
    "Our business was hurt by the new competition"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to hurt
    Werkwoord
    • krenken
    • give trouble or pain to
    "This exercise will hurt your back"

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to hurt
    Werkwoord
    • verwonden
    • give trouble or pain to
    "This exercise will hurt your back"

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to hurt
    Werkwoord
    • bezeren
    • feel physical pain
    "Were you hurting after the accident?"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to hurt
    Werkwoord
    • grieven, krenken, steken, kwetsen
    • hurt the feelings of
    "She hurt me when she did not include me among her guests"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to hurt
    Werkwoord
      • cause emotional anguish or make miserable

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
      • (abstract) gevecht waar de dood op volgt
      • feelings of mental or physical pain

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
      • aantasting
      • the act of damaging something or someone

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
      • beschadiging in of op het lichaam van een levend wezen
      • any physical damage to the body caused by violence or accident or fracture etc.

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
      • nadeel
      • a damage or loss

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
      • vreterij
      • the act of damaging something or someone

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      hurt
      Zelfstandig naamwoord
        • psychological suffering

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        hurt
        Bijvoeglijk naamwoord
        • met letsel; geraakt door kogel, bal e.d.
        • damaged inanimate objects or their value

        Synoniemen

        hurt
        Bijvoeglijk naamwoord
        • gewond door sportoefening
        • damaged inanimate objects or their value

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        hurt
        Bijvoeglijk naamwoord
          • suffering from physical injury especially that suffered in battle
          "ambulances...for the hurt men and women"

          Synoniemen