Betekenis van:
bekennen

Werkwoord

bekennen
''niet te ~ zijn'': ontbreken, niet te vinden zijn
"We dachten hem daar aan te zullen treffen, maar hij was in geen velden of wegen te bekennen."
bekennen
iets laak- of strafbaars toegeven
"Na een langdurig verhoor bekende hij de moord gepleegd te hebben."
bekennen
(van mannen) geslachtsgemeenschap hebben met, seksueel gebruiken
"iemand bekennen"

Synoniemen

Hyperoniemen

bekennen
meedelen dat men schuldig is aan (een misdaad)
"kleur bekennen"
"schuld bekennen"

Synoniemen

Hyperoniemen