Betekenis van:
gelegenheid

gelegenheid (de ~ | meervoud gelegenheden)
Zelfstandig naamwoord
  • geboden mogelijkheid
"gelegenheid geven"
"een gelegenheid (om) te gaan zwemmen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

gelegenheid (de ~ | meervoud gelegenheden)
Zelfstandig naamwoord
  • plaats waar men wat kan doen; openbaar (drank)lokaal
"een deftige/chique gelegenheid"
"in die gelegenheid kunnen we iets eten"

Synoniemen

Hyperoniemen

gelegenheid
Zelfstandig naamwoord
  • mogelijkheid tot
"In het schema is er gelegenheid om een kop koffie te drinken."
gelegenheid
Zelfstandig naamwoord
  • een zaak
"Weet jij een gelegenheid waar ik een nieuwe broek kan kopen?"