Betekenis van:
gemakkelijk

gemakkelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • geen moeite of inspanning vereisend
"Alle leerlingen vonden dat een gemakkelijke proefwerkopgave."
gemakkelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • comfortabel.
"Hij installeerde zich in die gemakkelijke stoel."
gemakkelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • bereidwillig om zich aan te passen
"Wij vonden haar erg gemakkelijk in de omgang."
gemakkelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • meegaand; flexibel; inschikkelijk; flexibel
"gemakkelijk in de omgang"

Synoniemen

gemakkelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • geen moeite of inspanning vereisend
"iets al te gemakkelijk opnemen"
"gemakkelijke sommen"

Synoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Dit boek was gemakkelijk.
  2. Tennis spelen is gemakkelijk.
  3. Sommige geuren kunnen gemakkelijk jeugdherinneringen laten opduiken.
  4. Hij kon het probleem gemakkelijk oplossen.
  5. De handgeschreven brief was niet gemakkelijk te lezen.
  6. Het is nooit gemakkelijk te bepalen of hij al dan niet serieus is.
  7. Het is niet gemakkelijk om een gedicht te vertalen naar een vreemde taal.
  8. Eerst vond hij Engels heel moeilijk, maar nu vindt hij het gemakkelijk.
  9. biologisch gemakkelijk afbreekbare machineolie
  10. Gemakkelijk biologisch afbreekbaar
  11. Gemakkelijk biologisch afbreekbaar [5]
  12. hetzij gemakkelijk verplaatsbaar zijn,
  13. Gemakkelijk biologisch afbreekbaar:
  14. gemakkelijk recycleerbaar materiaal,
  15. Gemakkelijk oxideerbare stoffen