Betekenis van:
langskomen

langskomen
Werkwoord
  • langsgaan, op bezoek komen
"Jan kwam even langs en bracht ons wat aardbeien uit zijn tuin."
langskomen
Werkwoord
  • voorbijgaan.
"Sinds ik hier zit zijn er welgeteld drie auto's langsgekomen."
langskomen
Werkwoord
  • langs iem. of iets gaan, passeren
"langs een winkel komen"
"rakelings langskomen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen