Betekenis van:
meespelen

meespelen
Werkwoord
  • met anderen spelen
"mee mogen spelen"
"in/met het nationale team meespelen"

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Deze garantie kon dus niet meespelen bij het nemen van het bewuste besluit.
  2. Ook een particuliere investeerder ging niet uitsluitend uit van het te verwachten rendement, maar liet ook andere strategische overwegingen meespelen.
  3. Er kunnen evenwel nog andere factoren meespelen, zoals de aanwezigheid van laaggeprijsde producten die met dumping zijn ingevoerd en die een grote invloed op het prijspeil hebben.
  4. De overheid kon ook strategische langetermijnoverwegingen laten meespelen en beschikte als ondernemer over een bepaalde vrijheid van handelen. Binnen die speelruimte had de Commissie niet het recht om de beslissingen van de overheid als ondernemer te toetsen.
  5. Om vast te stellen of een luchtvaartmaatschappij een volledig of gedeeltelijk verbod opgelegd moet krijgen, wordt nagegaan of zij aan de geldende veiligheidsnormen voldoet, waarbij de volgende factoren meespelen: