Betekenis van:
mondstuk

mondstuk (het ~ | meervoud mondstukken)
Zelfstandig naamwoord
  • deel v.e. blaasinstrument

Hyperoniemen

mondstuk
Zelfstandig naamwoord
  • spits toelopend einde van een voorwerp

Synoniemen

Hyperoniemen

mondstuk
Zelfstandig naamwoord
  • mondstuk voor paard

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

mondstuk
Zelfstandig naamwoord
  • kop met gaatjes op een vloeistofleiding

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Afdichtvlak mondstuk
  2. sluit de vuleenheid en maak het mondstuk los.
  3. sluit het mondstuk aan op de koppeling en open de vuleenheid;
  4. De duurzaamheidstest wordt uitgevoerd met een mondstuk dat specifiek is bedoeld voor de te testen vuleenheid.
  5. tabaksrolletjes bestaande uit een gebroken melange, met een dekblad van gereconstitueerde tabak dat de normale kleur heeft van een sigaar en het product volledig omhult, in voorkomend geval met inbegrip van het filter, doch zonder het mondstuk (voor sigaren met mondstuk), en waarvan het gewicht per stuk, zonder filter of mondstuk, niet minder dan 2,3 g en niet meer dan 10 g bedraagt en de omtrek over ten minste een derde van de lengte 34 mm of meer bedraagt.
  6. Met hoge snelheid wordt bedoeld een uitstroomsnelheid van het gas uit het mondstuk hoger dan 750 m/s bij 293 K (20 °C) en 0,1 MPa.
  7. hoge snelheid wordt bedoeld een uitstroomsnelheid van het gas uit het mondstuk hoger dan 750 m/s bij 293 K (20 °C) en 0,1 MPa.
  8. verstuiving: cirkelvormig, met een diameter van 50 ± 5 mm op 200 ± 5 mm van het monster, mondstuk met een diameter van 5 ± 0,1 mm.
  9. NB 2:Met hoge snelheid wordt bedoeld een uitstroomsnelheid van het gas uit het mondstuk hoger dan 750 m/s bij 293 K (20 °C) en 0,1 MPa.
  10. Een tabaksrolletje als bedoeld in lid 1 wordt voor de toepassing van de accijns als twee sigaretten beschouwd wanneer het, zonder filter of mondstuk, meer dan 8 cm doch niet meer dan 11 cm lang is, en als drie sigaretten wanneer het, zonder filter of mondstuk, meer dan 11 cm doch niet meer dan 14 cm lang is, enzovoort.”.
  11. Met inachtneming van punt 5.1.3.2 is de vulopening van de benzinetank zodanig ontworpen dat de tank niet kan worden gevuld uit een benzinepomp waarvan de slang is voorzien van een mondstuk met een buitendiameter van 23,6 mm of meer.
  12. Met inachtneming van punt 5.1.3.2 is de vulopening van de benzinetank zodanig ontworpen dat de tank niet kan worden gevuld uit een benzinepomp waarvan de slang is voorzien van een mondstuk met een buitendiameter van 23,6 mm of meer.