Betekenis van:
onvoldoende

onvoldoende (de ~ | meervoud onvoldoendes, onvoldoenden)
Zelfstandig naamwoord
  • laag cijfer; onvoldoende
"een dikke/zware onvoldoende"
"zes voldoendes en één onvoldoende op een rapport"

Synoniemen

Hyperoniemen

onvoldoende
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet voldoende; niet toereikend; te klein
"onvoldoende aanknopingspunten bieden"
"er is nog onvoldoende onderzoek gedaan"

Synoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Één getuige is geen getuige", "Een enkele getuigenis is onvoldoende
  2. Onvoldoende sancties.
  3. Onvoldoende remvloeistof.
  4. Onvoldoende registratiebladen
  5. Onvoldoende controles.
  6. Onvoldoende voorzieningen.
  7. 1 Onvoldoende
  8. onvoldoende motivering,
  9. Onvoldoende laboratoriumcontroles van suiker
  10. RISICO DOOR ONVOLDOENDE STABILITEIT
  11. TOLERANTIEGRENZEN: ONDERGRENZEN (ONVOLDOENDE HOEVEELHEDEN)
  12. 31 Onvoldoende betaling
  13. Risico's door onvoldoende stabiliteit
  14. Onvoldoende controle van het productieproces
  15. Onvoldoende reden of economische rechtvaardiging