Betekenis van:
oppervlakte

oppervlakte (de ~ | meervoud oppervlakten, oppervlaktes)
Zelfstandig naamwoord
  • vlak aan de bovenkant; vlak aan de bovenkant
"aan de oppervlakte komen/verschijnen"
"aan de oppervlakte"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

oppervlakte
Zelfstandig naamwoord
  • vlak dat iets naar boven begrenst
"Vissen met longen moeten aan de oppervlakte van de zee komen om adem te halen."
oppervlakte
Zelfstandig naamwoord
  • uitgebreidheid, grootte in m²
"De oppervlakte van een driehoek bereken je door de basis maal de hoogte te delen door twee."
oppervlakte (de ~ | meervoud oppervlakten, oppervlaktes)
Zelfstandig naamwoord
  • buitenkant v.e. ruimtelijk lichaam; afmeting in vierkante meters
"de oppervlakte van een figuur berekenen"
"[een groot stuk land] met een oppervlakte van [25 km2]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. geconstateerde oppervlakte
  2. Oppervlakte (m2)
  3. Betrokken oppervlakte
  4. Oppervlakte (ha)
  5. Gladde oppervlakte
  6. Ruwe oppervlakte
  7. Oppervlakte zonnecollectoren
  8. Oppervlakte zonnecollectoren
  9. Afmetingen, vorm en oppervlakte
  10. F509A: verkeerd aangegeven oppervlakte
  11. oppervlakte van het objectiefveld
  12. Bruto-oppervlakte onder beschutting
  13. Oppervlakte van het GCB
  14. totale bemonsterde oppervlakte,
  15. Oppervlakte voor teeltmateriaal