Betekenis van:
overvliegen

Werkwoord

overvliegen
iets met een vliegtuig ergens brengen
"De nieuwe tenten worden volgende week overgevlogen."
overvliegen
van de ene afdeling naar de volgende gaan, bijvoorbeeld bij scouting
"Nu zij zeventien werd zou ze overvliegen van de Zeemeeuwen naar de Najaden."
overvliegen
ergens overheen vliegen
"In deze polder kan je in de herfst hele zwermen vogels zien overvliegen."
overvliegen
over iets heen vliegen
"uit Brussel overvliegen"

Hyperoniemen

overvliegen
met een vliegtuig aanvoeren

Synoniemen

Hyperoniemen