Betekenis van:
schacht

schacht (de ~ | meervoud schachten)
Zelfstandig naamwoord
  • gat in de grond
"een diepe schacht"
"een blinde schacht"

Hyperoniemen

schacht
Zelfstandig naamwoord
  • een gat dat in de grond gemaakt is om als bron te dienen voor water, olie, gas of andere vloeistoffen
"Het bedrijf had een schacht gemaakt om aan de olie te kunnen."
schacht (de ~ | meervoud schachten)
Zelfstandig naamwoord
  • teellid van een paard en andere grote viervoeters

Hyperoniemen

schacht (de ~ | meervoud schachten)
Zelfstandig naamwoord
  • recht, langwerpig gedeelte

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

schacht (de ~ | meervoud schachten)
Zelfstandig naamwoord
  • nieuw iemand bij een groep mensen

Hyperoniemen

schacht
Zelfstandig naamwoord
  • bladerloze bloemstengel, gemeenschappelijke steel van een bloeiwijze

Hyperoniemen

Hyponiemen