Vertaling van müssen

Inhoud:

Duits
Nederlands
müssen, sollen, dürfen {ww.}
moeten
zullen
behoren 
dienen
horen 

wir müssen
sie müssen

wij moeten
zij moeten
» meer vervoegingen van moeten

Sollen wir schwimmen gehen?
Zullen we gaan zwemmen?
Welches Spiel sollen wir als nächstes spielen?
Welk spel zullen we nu spelen?
benötigen, brauchen, nötig haben, bedürfen, müssen {ww.}
toe zijn aan
behoeven 
nodig hebben
hoeven 

wir müssen
sie müssen

wij behoeven
zij behoeven
» meer vervoegingen van behoeven



Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Wir müssen uns verstecken!

We moeten ons verstoppen!

Kinder müssen spielen.

Kinderen moeten spelen.

Sie müssen morgen kommen.

Ge zult morgen moeten komen.

Wir müssen speditiv handeln.

We moeten snel handelen.

Sie müssen im Voraus zahlen.

Ze moeten vooraf betalen.

Sie müssen nicht sofort gehen.

Je hoeft niet meteen te gaan.

Wir müssen die Ampel beachten.

We moeten op het stoplicht letten.

Wir müssen immer mehr bezahlen.

We moeten altijd meer betalen.

Sie müssen sehr hart arbeiten.

Je moet heel hard werken.

Sie müssen mehr Ballaststoffe essen.

Je moet meer vezels eten.

Wir müssen zur Schule gehen.

Wij moeten naar school gaan.

Wir müssen auf ihn warten.

We moeten op hem wachten.

Heute müssen wir draußen schlafen.

Vandaag moeten we buiten slapen.

Wir müssen etwas tun, Tom.

We moeten iets doen, Tom.

Sie müssen morgen nicht kommen.

Jullie moeten niet komen morgen.


Gerelateerd aan müssen

sollen - dürfen - benötigen - brauchen - nötig haben - bedürfen