Vertaling van bath

Inhoud:

Engels
Nederlands
bath {zn.}
bad  [o]
bath, bath-tub {zn.}
bad  [o]
badkuip  [v]
I'm going to take a bath.
Ik ga een bad nemen.
It happened that she was taking a bath.
Zij nam toevalligerwijze een bad.
to bath, to bathe {ww.}
baden
It is dangerous to bathe in this river.
Het is gevaarlijk om te baden in deze rivier.
bathroom, bath {zn.}
badkamer 
badhuis
I must clean the bathroom right away.
Ik moet onmiddellijk de badkamer kuisen.
There's a cockroach in the bathroom.
Er zit een kakkerlak in de badkamer.
bath, bathing tub, bathtub, tub {zn.}
mijnwagen
bath {zn.}
bath
to bath, to bathe {ww.}
omspoelen
bath, bathroom {zn.}
badkamer [m] (de ~)
wasgelegenheid [v] (de ~)
Mary spends hours in the bathroom.
Mary brengt uren in de badkamer door.
Dad is shaving in the bathroom.
Vader is zich aan het scheren in de badkamer.
bath, bathing tub, bathtub, tub {zn.}
wastobbe [m] (de ~)
tobbe [m] (de ~)
bath, bathing tub, bathtub, tub {zn.}
teil [m] (de ~)
wasteil
bath, bathing tub, bathtub, tub {zn.}
bad [o] (het ~)
badkuip [m] (de ~)
bath {zn.}
ligbad [o] (het ~)
bath, bathing tub, bathtub, tub {zn.}
kuipje
boterkuipje

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

I'm going to take a bath.

Ik ga een bad nemen.

I take a bath almost every day.

Ik neem bijna elke dag een bad.

It happened that she was taking a bath.

Zij nam toevalligerwijze een bad.

Take a bath and then go to bed.

Neem een bad en ga dan naar bed.

Time for a hot bath, and then it's bedtime.

Tijd voor een heet bad, en dan is het bedtijd.

The bath was not hot enough and I was unable to enjoy it.

Het bad was niet warm genoeg dus kon ik er niet van genieten.


Gerelateerd aan bath

bath-tub - bathe - bathroom - bathing tub - bathtub - tublaunder - waggon - capacity measure - course - room - barrel - bath