Vertaling van confidence

Inhoud:

Engels
Nederlands
confidence, faith, trust {zn.}
vertrouwen
geloof 
fiducie [v]
Faith works miracles!
Geloof doet wonderen!
He abused my trust.
Hij heeft mijn vertrouwen misbruikt.
confidence, secret {zn.}
confidentie [v]
vertrouwelijke mededeling [v]
vertrouwelijkheid [v]
confidence, entrustment, faith {zn.}
vertrouwen
Faith is taking the first step, even when you don't see the whole staircase.
Vertrouwen is het nemen van de eerste stap, zelfs als je niet de hele trap kunt zien.
confidence {zn.}
ontboezeming [v] (de ~)
confidentie
self-confidence, self-reliance, confidence, self-assurance {zn.}
zelfbewustheid [v]
zelfvertrouwen
assurance, authority, confidence, self-assurance, self-confidence, sureness {zn.}
zelfbevestiging

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

I have confidence in you.

Ik vertrouw op je.

Logic is a systematic method of coming to the wrong conclusion with confidence.

Logica is een systematische methode om betrouwbaar uit te komen op de verkeerde conclusie.


Gerelateerd aan confidence

faith - trust - secret - entrustment - self-confidence - self-reliance - self-assurance - assurance - authority - surenessutterance - appreciation