Vertaling van finding

Inhoud:

Engels
Nederlands
finding, statement {zn.}
constatering [v]
vaststelling [v]
bevinding [v]
judgement, finding {zn.}
oordeel
gericht
judicium
vonnis  [o]
conclusion, inference, corollary, finding {zn.}
conclusie [v]
gevolgtrekking [v]
He also came up with yet another doubtful conclusion.
Hij kwam ook met alweer een andere twijfelachtige conclusie aanzetten.
Logic is a systematic method of coming to the wrong conclusion with confidence.
Logica is een systematische methode om betrouwbaar uit te komen op de verkeerde conclusie.
to find, to notice, to perceive, to discern {ww.}
waarnemen 
vernemen
merken 
bemerken 
gewaar worden
to catch, to hit, to run across, to strike, to attain, to encounter, to find, to score, to run up against {ww.}
halen
treffen 
teisteren
raken 
inslaan
I must catch the first train.
Ik moet de eerste trein halen.
Let's hurry so we can catch the bus.
Laten we opschieten om de bus te halen.
to invent, to discover, to find, to unearth {ww.}
uitvinden 
komen achter
to abstract, to gather, to induce, to infer, to conclude, to find {ww.}
een gevolgtrekking maken
besluiten 
concluderen
afleiden 
to find, to locate, to strike, to spot {ww.}
vinden 
bevinden 
treffen 
aantreffen 

I am finding

determination, finding {zn.}
bepaling [v] (de ~)


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

I failed in finding his house.

Ik kon zijn huis niet vinden.

He likes finding faults in others.

Hij ontdekt graag ondeugden bij anderen.

She was always finding fault with me.

Ze heeft altijd aanmerkingen op mij.

Finding an apartment can be difficult.

Het kan moeilijk zijn om een appartement te vinden.

Finding a decent man is more difficult than winning a lottery.

Een geschikte man vinden is moeilijker dan de lotto winnen.


Gerelateerd aan finding

statement - judgement - conclusion - inference - corollary - find - notice - perceive - discern - catch - hit - run across - strike - attain - encounterconclusion