Vertaling van growth

Inhoud:

Engels
Nederlands
growth {zn.}
groei
plantengroei
growth {zn.}
groei
growth {zn.}
ontwikkeling  [v]
groei
wasdom
growth, accretion, accession {zn.}
aanwas [m]
aangroei  [m]
toename
ontwikkeling  [v]
groei
gestalte
accres [o]
growth {zn.}
woekeren
growth {zn.}
druivenoogst
growth, increase, increment {zn.}
toename [v] (de ~)
stijging [v] (de ~)
accres
aanwas [m] (de ~)
increment
vermeerdering [v] (de ~)
development, growing, growth, maturation, ontogenesis, ontogeny {zn.}
groei [m] (de ~)
rijping
wasdom [m] (de ~)
"It's fine," Dima laughed. "I'm still growing, after all. I'll grow into it."
"Het is prima," lachte Dima. "Ik ben per slot van rekening nog in de groei. Ik groei er wel in."

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

The medicine hastened the process of growth.

De medicijnen versnelden het groeiproces.

“The economy has opened up a faultline in the Atlantic,” announces La Stampa, reporting on the impact of recent remarks by Barack Obama which imply that the poor management of the Eurozone crisis is to blame for the feeble outlook for growth in the US.

“De economie drijft landen aan weerszijden van de Atlantische Oceaan uit elkaar”: zo vat La Stampa de gevolgen samen van recente uitspraken van Barack Obama. Daarin beweerde de Amerikaanse president dat de magere groeiperspectieven van de Verenigde Staten toe te schrijven zijn aan de slechte wijze waarop de eurocrisis wordt bestreden.


Gerelateerd aan growth

accretion - accession - increase - increment - development - growing - maturation - ontogenesis - ontogenygrow - crop - change - growth