Vertaling van crop

Inhoud:

Engels
Nederlands
to crop, to graze, to pasture {ww.}
weiden

I crop
you crop
we crop

ik weid
jij weidt
wij weiden
» meer vervoegingen van weiden

to crop, to graze, to pasture {ww.}
grazen
weiden

I crop
you crop
we crop

ik graas
jij graast
wij grazen
» meer vervoegingen van grazen

to crop {ww.}
millimeteren

I crop
you crop
we crop

ik millimeter
jij millimetert
wij millimeteren
» meer vervoegingen van millimeteren

to crop {ww.}
kortwieken

I crop
you crop
we crop

ik kortwiek
jij kortwiekt
wij kortwieken
» meer vervoegingen van kortwieken

to crop, to cultivate, to work {ww.}
ontginnen

I crop
you crop
we crop

ik ontgin
jij ontgint
wij ontginnen
» meer vervoegingen van ontginnen

crop, harvest {zn.}
gewas [o] (het ~)
oogst [m] (de ~)
crop, harvest {zn.}
teelt [v] (de ~)
crop, harvest {zn.}
pluk [m] (de ~)
craw, crop, gullet, pouch {zn.}
krop 
harvest, crop {zn.}
oogst 
opbrengst
harvest, crop {zn.}
oogst 
to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
aftoppen
toppen

I crop
you crop
we crop

ik top af
jij topt af
wij toppen af
» meer vervoegingen van aftoppen

to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
afsnoeien

I crop
you crop
we crop

ik snoei af
jij snoeit af
wij snoeien af
» meer vervoegingen van afsnoeien

to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
snoeien

I crop
you crop
we crop

ik snoei
jij snoeit
wij snoeien
» meer vervoegingen van snoeien

to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
bijsnoeien
to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
bijsnijden

I crop
you crop
we crop

ik snijd bij
jij snijdt bij
wij snijden bij
» meer vervoegingen van bijsnijden

to browse, to crop, to graze, to pasture, to range {ww.}
beweiden

I crop
you crop
we crop

ik beweid
jij beweidt
wij beweiden
» meer vervoegingen van beweiden

to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
scheren

I crop
you crop
we crop

ik scheer
jij scheert
wij scheren
» meer vervoegingen van scheren

to browse, to crop, to graze, to pasture, to range {ww.}
grazen

I crop
you crop
we crop

ik graas
jij graast
wij grazen
» meer vervoegingen van grazen

to clip, to crop, to cut back, to dress, to lop, to prune, to snip, to trim {ww.}
kandelaberen
kandelaren

I crop
you crop
we crop

ik kandelaar
jij kandelaart
wij kandelaren
» meer vervoegingen van kandelaren

craw, crop {zn.}
zak [m] (de ~)
krop [m] (de ~)

Gerelateerd aan crop

graze - pasture - cultivate - work - harvest - craw - gullet - pouch - clip - cut back - dress - lop - prune - snip - trimeat - scissor - process - fix - earnings - product - harvest - remove - clip - emend - recoup - apply - fasten - component