Vertaling van match

Inhoud:

Engels
Nederlands
match {zn.}
lucifer  [m]
to couple, to match, to pair, to unite, to mate {ww.}
paren

I match
you match
we match

ik paar
jij paart
wij paren
» meer vervoegingen van paren

to equal, to match, to parallel {ww.}
gelijk zijn aan
evenaren

I match
you match
we match

ik evenaar
jij evenaart
wij evenaren
» meer vervoegingen van evenaren

to coincide, to fit together, to match, to be congruent, to agree {ww.}
elkaar dekken
congruent zijn
to fit together, to harmonize, to accord, to match, to get along {ww.}
passen
harmoniëren
samenklinken
bijeenpassen

I match
you match
we match

ik pas
jij past
wij passen
» meer vervoegingen van passen

to mate, to match, to pair {ww.}
paren

I match
you match
we match

ik paar
jij paart
wij paren
» meer vervoegingen van paren

competition, contest, match, game {zn.}
wedstrijd 
match
concours [o]
The match didn't take place.
De wedstrijd vond niet plaats.
Tom won the competition.
Tom won de wedstrijd.
faction, party, side, camp, game, match, round {zn.}
partij [v]
stem 
kamp
I am no match for him.
Ik ben geen partij voor hem.
"Noobs?" Dima asked, a slight hint of anger in his voice. "This isn't a video game, Al-Sayib! This is real life!"
"Noobs?" vroeg Dima met enige boosheid in zijn stem. "Dit is geen videospelletje, Al-Sayib! Dit is het echte leven!"


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

The match didn't take place.

De wedstrijd vond niet plaats.

I am no match for him.

Ik ben geen partij voor hem.

I watched a tennis match on TV.

Ik heb een tenniswedstrijd gekeken op televisie.

The match has been canceled due to heavy rain.

De wedstrijd is afgeblazen vanwege de hevige regenval.

No country can match France's good quality wine.

Geen land kan tippen aan kwaliteitswijn uit Frankrijk.

We would like to go to a football match.

Wij willen graag naar een voetbalwedstrijd gaan.