Vertaling van president
voorzitster
rector
voorzitter
moderator
Voorbeelden in zinsverband
Where's the president?
Waar is de president?
They attempted to assassinate the president.
Ze hebben getracht de president te vermoorden.
The president will hold a press conference later today.
De prezident zal later op de dag een persconferentie geven.
He is sure to become the President sooner or later.
Hij is er zeker van dat hij vroeg of laat president wordt.
Don't worry Mr. President: with gums that bad, I doubt she even HAS teeth.
Maakt u zich geen zorgen, meneer de president: met zulk slecht tandvlees betwijfel ik of ze überhaupt tanden HEEFT.
I read that the president of Brazil is a woman. She's called Dilma.
Ik las dat de president van Brazilië een vrouw is. Ze heet Dilma.
Abraham Lincoln, the 16th president of the United States, was born in a log cabin in Kentucky.
Abraham Lincoln, de 16e president van de Verenigde Staten, is geboren in een blokhut in Kentucky.