Vertaling van shared

Inhoud:

Engels
Nederlands
to divide, to separate, to share {ww.}
delen
verdelen 
opsplitsen
splitsen
afbreken 

I shared
you shared
he/she/it shared

ik deelde
jij deelde
hij/zij/het deelde
» meer vervoegingen van delen

Tom doesn't like to share.
Tom houdt er niet van om te delen.
You must share your work with others.
Je moet je werk met anderen delen.
to interchange, to swap, to change, to exchange, to share, to switch, to trade {ww.}
ruilen 
verruilen
uitwisselen
inwisselen
wisselen 
inruilen

I shared
you shared
he/she/it shared

ik ruilde
jij ruilde
hij/zij/het ruilde
» meer vervoegingen van ruilen

I would like to exchange this shirt that I bought yesterday.
Ik zou graag dit hemd, dat ik gisteren gekocht heb, ruilen.
to share {ww.}
delen
samen gebruiken

I shared
you shared
he/she/it shared

ik deelde
jij deelde
hij/zij/het deelde
» meer vervoegingen van delen

I don't want to share my room with Tom.
Ik wil mijn kamer niet met Tom delen.
divided, divided up, shared, shared out {bn.}
verdeeld
onenig
to apportion, to deal, to divvy up, to portion out, to share {ww.}
delen
distribueren
verdelen

I shared
you shared
he/she/it shared

ik deelde
jij deelde
hij/zij/het deelde
» meer vervoegingen van delen

to share {ww.}
delen

I shared
you shared
he/she/it shared

ik deelde
jij deelde
hij/zij/het deelde
» meer vervoegingen van delen



Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Tom and Mary shared a room.

Tom en Mary deelden een kamer.

I shared a room with him.

Ik deelde een kamer met hem.


Gerelateerd aan shared

divide - separate - share - interchange - swap - change - exchange - switch - trade - divided - divided up - shared out - apportion - deal - divvy updeath - carve up - have