Vertaling van règle

Inhoud:

Frans
Nederlands
règle [v] (la ~) {zn.}
regel
Il m'expliqua la règle.
Hij heeft mij de regel uitgelegd.
Il y a des cas pour lesquels cette règle ne s’applique pas.
Er zijn gevallen waarin deze regel niet geldt.
accorder, régler, syntoniser, disposer, mettre en humeur {ww.}
stemmen
gelijkstemmen

je règle
il/elle règle

ik stem
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

accorder, régler, syntoniser, disposer, mettre en humeur {ww.}
stemmen

je règle
il/elle règle

ik stem
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

accorder, régler, syntoniser, disposer, mettre en humeur {ww.}
stemmen
intoneren

je règle
il/elle règle

ik stem
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

ordonner, ranger, régler {ww.}
terechtbrengen
schikken 
opruimen
ruimen 
regelen 
inrichten

je règle
il/elle règle

ik breng terecht
hij/zij/het brengt terecht
» meer vervoegingen van terechtbrengen

régler {ww.}
vereffenen
reglementeren
reguleren
regelen 

je règle
il/elle règle

ik vereffen
hij/zij/het vereffent
» meer vervoegingen van vereffenen

accorder, régler, syntoniser, disposer, mettre en humeur {ww.}
stemmen
afstemmen

je règle
il/elle règle

ik stem
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

accorder, régler, syntoniser, disposer, mettre en humeur {ww.}
stemmen
tunen

je règle
il/elle règle

ik stem
hij/zij/het stemt
» meer vervoegingen van stemmen

joindre, régler, ajuster {ww.}
afstellen
passend maken
verstellen
instellen 

je règle
il/elle règle

ik stel af
hij/zij/het stelt af
» meer vervoegingen van afstellen

guider, régler {ww.}
de weg wijzen
leiden
geleiden
rondleiden

je règle
il/elle règle

ik leid
hij/zij/het leidt
» meer vervoegingen van leiden



Voorbeelden in zinsverband

Frans
Nederlands

Il m'expliqua la règle.

Hij heeft mij de regel uitgelegd.

Règle la pendule. Elle avance de dix minutes.

Zet de klok goed. Hij loopt tien minuten voor.

Il y a des cas pour lesquels cette règle ne s’applique pas.

Er zijn gevallen waarin deze regel niet geldt.


Gerelateerd aan règle

accorder - régler - syntoniser - disposer - mettre en humeur - ordonner - ranger - joindre - ajuster - guideraccorder