Vertaling van afdoen
Inhoud:
Nederlands
Engels
afdoen, afleggen, afzetten, uitdoen, uitkrijgen, uittrekken {ww.}
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij/zij/het zal afdoen
I will lay
you will lay
he/she/it will lay
» meer vervoegingen van to lay
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij/zij/het zal afdoen
I will settle
you will settle
he/she/it will settle
» meer vervoegingen van to settle
afdoen {ww.}
to take off
afdoen, afvegen {ww.}
to dust
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij/zij/het zal afdoen
I will dust
you will dust
he/she/it will dust
» meer vervoegingen van to dust
afbetalen, vereffenen, verrekenen, voldaan, voldoen, afdoen, afrekenen {ww.}
to pay
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij/zij/het zal afdoen
I will pay
you will pay
he/she/it will pay
» meer vervoegingen van to pay
afhandelen, afdoen, afwerken, afwikkelen {ww.}
to settle
to finalize
to nail down
to finalise
to finalize
to nail down
to finalise
ik zal afdoen
jij zult afdoen
hij/zij/het zal afdoen
I will settle
you will settle
he/she/it will settle
» meer vervoegingen van to settle