Vertaling van boerderij

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
boerderij [v], hofstede, hoeve {zn.}
boerderij [v]
hofstede
hoeve {zn.}
De stal is net achter de boerderij.
De stal is net achter de boerderij.
Vorige zomer werkte ik parttime op een boerderij.
Vorige zomer werkte ik parttime op een boerderij.
goed [o], boerderij [v], bezitting [v], landgoed [o] {zn.}
goed [o]
boerderij [v]
bezitting [v]
landgoed [o] {zn.}
In de boomgaard achter hun boerderij stonden appel- en perenbomen.
In de boomgaard achter hun boerderij stonden appel- en perenbomen.
Er is een man die op de boerderij werkt.
Er is een man die op de boerderij werkt.
boerderij [v] (de ~), hofstee, boerenbedrijf [o] (het ~), hofstede [m] (de ~), hoeve [m] (de ~), boerenhofstee, boerenhofstede {zn.}
boerderij [v] (de ~)
hofstee
boerenbedrijf [o] (het ~)
hofstede [m] (de ~)
hoeve [m] (de ~)
boerenhofstee
boerenhofstede {zn.}
De voorbije zomer heb ik deeltijds op de boerderij gewerkt.
De voorbije zomer heb ik deeltijds op de boerderij gewerkt.
boerderij [v] (de ~) {zn.}
boerderij [v] (de ~) {zn.}


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

De stal is net achter de boerderij.

De stal is net achter de boerderij.

Vorige zomer werkte ik parttime op een boerderij.

Vorige zomer werkte ik parttime op een boerderij.

In de boomgaard achter hun boerderij stonden appel- en perenbomen.

In de boomgaard achter hun boerderij stonden appel- en perenbomen.

Er is een man die op de boerderij werkt.

Er is een man die op de boerderij werkt.

De voorbije zomer heb ik deeltijds op de boerderij gewerkt.

De voorbije zomer heb ik deeltijds op de boerderij gewerkt.


Gerelateerd aan boerderij

hofstede - hoeve - goed - bezitting - landgoed - hofstee - boerenbedrijf - boerenhofstee - boerenhofstedehuis - onderneming - deel - boerenerf