Vertaling van geacht

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
geacht, gezien {bn.}
geacht
gezien {bn.}
geacht, geëerd, gerespecteerd, gewaardeerd, gezien, best {bn.}
geacht
geëerd
gerespecteerd
gewaardeerd
gezien
best {bn.}
dierbaar, duur, kostbaar, lief, prijzig, waard, waardevol, geacht {bn.}
dierbaar
duur
kostbaar
lief
prijzig
waard
waardevol
geacht {bn.}
achten, hoogachten, achting toedragen, achting hebben voor {ww.}
achten
hoogachten
achting toedragen
achting hebben voor {ww.}

ik heb geacht
jij hebt geacht
hij/zij/het heeft geacht

ik heb geacht
jij hebt geacht
hij/zij/het heeft geacht
» meer vervoegingen van achten

Het is duidelijk dat de Amerikanen hun eigen probleem niet eens kunnen oplossen, dus hoe kunnen ze zichzelf bekwaam achten voor het aanpakken van problemen in de rest…
Het is duidelijk dat de Amerikanen hun eigen probleem niet eens kunnen oplossen, dus hoe kunnen ze zichzelf bekwaam achten voor het aanpakken van problemen in de rest…
vinden, geloven, achten, van mening zijn {ww.}
vinden
geloven
achten
van mening zijn {ww.}

ik heb geacht
jij hebt geacht
hij/zij/het heeft geacht

ik heb gevonden
jij hebt gevonden
hij/zij/het heeft gevonden
» meer vervoegingen van vinden

Eerst zien, dan geloven.
Eerst zien, dan geloven.
Ik kan het moeilijk geloven.
Ik kan het moeilijk geloven.
zien, houden, beschouwen, achten, schatten, aanmerken, bevinden, oordelen {ww.}
zien
houden
beschouwen
achten
schatten
aanmerken
bevinden
oordelen {ww.}

ik heb aangemerkt
ik had aangemerkt
ik zal aangemerkt hebben

ik heb gezien
ik had gezien
ik zal gezien hebben
» meer vervoegingen van zien

Laten we eens zien wie het het langst uit kan houden.
Laten we eens zien wie het het langst uit kan houden.
Omdat we van jullie houden, zijn we Tatoeba aan het updaten om jullie een betere gebruikerservaring te geven. Zien jullie wel? We Omdat we van jullie houden, zijn we Tatoeba aan het updaten om jullie een betere gebruikerservaring te geven. Zien jullie wel? We
achten, ophebben, hoogschatten, hoogachten {ww.}
achten
ophebben
hoogschatten
hoogachten {ww.}

ik heb geacht
jij hebt geacht
hij/zij/het heeft geacht

ik heb geacht
jij hebt geacht
hij/zij/het heeft geacht
» meer vervoegingen van achten

letten, achten {ww.}
letten
achten {ww.}

ik heb geacht
ik had geacht
ik zal geacht hebben

ik heb gelet
ik had gelet
ik zal gelet hebben
» meer vervoegingen van letten

We moeten op het stoplicht letten.
We moeten op het stoplicht letten.
We moeten op onze gezondheid letten.
We moeten op onze gezondheid letten.


Gerelateerd aan geacht

gezien - geëerd - gerespecteerd - gewaardeerd - best - dierbaar - duur - kostbaar - lief - prijzig - waard - waardevol - achten - hoogachten - achting toedragenvinden - oordelen - waarnemen