Vertaling van gebit

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
gebit [o] {zn.}
gebit [o] {zn.}
gebit [o], mondstuk, bit [o] {zn.}
gebit [o]
mondstuk
bit [o] {zn.}
gebit, mondstuk, bit [o] (het ~) {zn.}
gebit
mondstuk
bit [o] (het ~) {zn.}
gebit [o] (het ~), kunstgebit [o] (het ~) {zn.}
gebit [o] (het ~)
kunstgebit [o] (het ~) {zn.}
dentuur, gebit {zn.}
dentuur
gebit {zn.}


Gerelateerd aan gebit

mondstuk - bit - kunstgebit - dentuuronderdeel - prothese - groep - element - kies - tand