Vertaling van loodsen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
besturen, loodsen, binnenbrengen {ww.}
besturen
loodsen
binnenbrengen {ww.}

ik bestuur
jij bestuurt
hij/zij/het bestuurt

ik bestuur
jij bestuurt
hij/zij/het bestuurt
» meer vervoegingen van besturen

Heeft uw oom u zijn auto laten besturen?
Heeft uw oom u zijn auto laten besturen?
Ge kunt niet te oplettend zijn bij het besturen van een auto.
Ge kunt niet te oplettend zijn bij het besturen van een auto.
loodsen {ww.}
loodsen {ww.}

ik loods
jij loodst
hij/zij/het loodst

ik loods
jij loodst
hij/zij/het loodst
» meer vervoegingen van loodsen

loodsen {ww.}
loodsen {ww.}

ik loods
jij loodst
hij/zij/het loodst

ik loods
jij loodst
hij/zij/het loodst
» meer vervoegingen van loodsen

loods (mv. loodsen) {zn.}
loods (mv. loodsen) {zn.}
tent [v], schuur [v], loods (mv. loodsen) [v], kraam, keet, stalletje [o] {zn.}
tent [v]
schuur [v]
loods (mv. loodsen) [v]
kraam
keet
stalletje [o] {zn.}
loods [m] (de ~) {zn.}
loods [m] (de ~) {zn.}
loods [m] (de ~) {zn.}
loods [m] (de ~) {zn.}
loods (mv. loodsen), loodsmannetje {zn.}
loods (mv. loodsen)
loodsmannetje {zn.}


Gerelateerd aan loodsen

besturen - binnenbrengen - loods - tent - schuur - kraam - keet - stalletje - loodsmannetjevoeren - escorteren - gids - schuur - vis