Vertaling van nest

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
nest, negorij [v] {zn.}
nest
negorij [v] {zn.}
Die vogels bouwen in de zomer hun nest en vliegen in de winter naar het zuiden.
Die vogels bouwen in de zomer hun nest en vliegen in de winter naar het zuiden.
De adder gaat weer terug naar haar nest.
De adder gaat weer terug naar haar nest.
nest, vervelend nest {zn.}
nest
vervelend nest {zn.}
nest [o] {zn.}
nest [o] {zn.}
nest [o] (het ~) {zn.}
nest [o] (het ~) {zn.}
nest [o] (het ~), worp [m] (de ~) {zn.}
nest [o] (het ~)
worp [m] (de ~) {zn.}
nest [o] (het ~), broedplaats [m] (de ~), kraamkamer [m] (de ~), vogelnest [o] (het ~) {zn.}
nest [o] (het ~)
broedplaats [m] (de ~)
kraamkamer [m] (de ~)
vogelnest [o] (het ~) {zn.}
nest [o] (het ~) {zn.}
nest [o] (het ~) {zn.}
nest {zn.}
nest {zn.}
nest {zn.}
nest {zn.}
nest [v] (het ~), wicht [m] (het ~) {zn.}
nest [v] (het ~)
wicht [m] (het ~) {zn.}
legerstede [m] (de ~), sponde [m] (de ~), bed [o] (het ~), nest [o] (het ~) {zn.}
legerstede [m] (de ~)
sponde [m] (de ~)
bed [o] (het ~)
nest [o] (het ~) {zn.}
nesten {ww.}
nesten {ww.}

ik nest
jij nest
hij/zij/het nest

ik nest
jij nest
hij/zij/het nest
» meer vervoegingen van nesten



Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Die vogels bouwen in de zomer hun nest en vliegen in de winter naar het zuiden.

Die vogels bouwen in de zomer hun nest en vliegen in de winter naar het zuiden.

De adder gaat weer terug naar haar nest.

De adder gaat weer terug naar haar nest.