Vertaling van omkleden

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
staan, kleden, omkleden, aankleden {ww.}
staan
kleden
omkleden
aankleden {ww.}

ik kleed aan
jij kleedt aan
hij/zij/het kleedt aan

ik sta
jij staat
hij/zij/het staat
» meer vervoegingen van staan

Je dient je correct te kleden voor deze winkel.
Je dient je correct te kleden voor deze winkel.
Wij staan voor democratie.
Wij staan voor democratie.
omkleden, verkleden {ww.}
omkleden
verkleden {ww.}

ik omkleed
jij omkleedt
hij/zij/het omkleedt

ik omkleed
jij omkleedt
hij/zij/het omkleedt
» meer vervoegingen van omkleden

verkleden, omkleden {ww.}
verkleden
omkleden {ww.}

ik omkleed
jij omkleedt
hij/zij/het omkleedt

ik verkleed
jij verkleedt
hij/zij/het verkleedt
» meer vervoegingen van verkleden

omkleden, verkleden {ww.}
omkleden
verkleden {ww.}

ik omkleed
jij omkleedt
hij/zij/het omkleedt

ik omkleed
jij omkleedt
hij/zij/het omkleedt
» meer vervoegingen van omkleden



Gerelateerd aan omkleden

staan - kleden - aankleden - verkledenverruilen - verkleden