Vertaling van oprukken

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
promotie maken, oprukken, in rang opklimmen, overgaan, avanceren {ww.}
promotie maken
oprukken
in rang opklimmen
overgaan
avanceren {ww.}

ik zal avanceren
ik zou avanceren
jij zult avanceren

ik zal oprukken
ik zou oprukken
jij zult oprukken
» meer vervoegingen van oprukken

oprukken {ww.}
oprukken {ww.}

ik zal oprukken
ik zou oprukken
jij zult oprukken

ik zal oprukken
ik zou oprukken
jij zult oprukken
» meer vervoegingen van oprukken

uittrekken, oprukken, uitrukken, opmarcheren {ww.}
uittrekken
oprukken
uitrukken
opmarcheren {ww.}

hij/zij/het zal opmarcheren
hij/zij/het zal opmarcheren
zij zult opmarcheren

hij/zij/het zal uittrekken
hij/zij/het zou uittrekken
zij zullen uittrekken
» meer vervoegingen van uittrekken

Het is de bedoeling dat we onze schoenen uittrekken aan de ingang.
Het is de bedoeling dat we onze schoenen uittrekken aan de ingang.
"We geven geen kortingen," zei de vrouw streng, "ongeacht hoe klein. En wilt u nu alstublieft het pak uittrekken als u het zich niet kunt veroorloven?"
"We geven geen kortingen," zei de vrouw streng, "ongeacht hoe klein. En wilt u nu alstublieft het pak uittrekken als u het zich niet kunt veroorloven?"
voortrukken, oprukken {ww.}
voortrukken
oprukken {ww.}

ik zal oprukken
ik zou oprukken
jij zult oprukken

ik zal voortrukken
ik zou voortrukken
jij zult voortrukken
» meer vervoegingen van voortrukken

gaan, vertrekken, weggaan, ophoepelen, opkrassen, wegwezen, moven, opsodemieteren, oprukken, oprotten, aftaaien, opstappen, heengaan, opkramen, opflikkeren, opduvelen, opdonderen, nokken, oplazeren, opmieteren, opbreken, afnokken {ww.}
gaan
vertrekken
weggaan
ophoepelen
opkrassen
wegwezen
moven
opsodemieteren
oprukken
oprotten
aftaaien
opstappen
heengaan
opkramen
opflikkeren
opduvelen
opdonderen
nokken
oplazeren
opmieteren
opbreken
afnokken {ww.}

ik zal afnokken
ik zou afnokken
jij zult afnokken

ik zal gaan
ik zou gaan
jij zult gaan
» meer vervoegingen van gaan

We gaan morgen vertrekken.
We gaan morgen vertrekken.
Ze gaan vertrekken naar New York.
Ze gaan vertrekken naar New York.