Vertaling van situeren

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
situeren {ww.}
situeren {ww.}

ik situeer
jij situeert
hij/zij/het situeert

ik situeer
jij situeert
hij/zij/het situeert
» meer vervoegingen van situeren

plaatsen, leggen, stationeren, situeren {ww.}
plaatsen
leggen
stationeren
situeren {ww.}

ik leg
jij legt
hij/zij/het legt

ik plaats
jij plaatst
hij/zij/het plaatst
» meer vervoegingen van plaatsen

Hij heeft veel plaatsen bezocht.
Hij heeft veel plaatsen bezocht.
Jij kent veel interessante plaatsen, of niet?
Jij kent veel interessante plaatsen, of niet?


Gerelateerd aan situeren

plaatsen - leggen - stationerenstellen