Vertaling van sneuvelen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
sneuvelen {ww.}
sneuvelen {ww.}
ik sneuvel
jij sneuvelt
hij/zij/het sneuvelt
ik sneuvel
jij sneuvelt
hij/zij/het sneuvelt
» meer vervoegingen van sneuvelen
sneuvelen
sneuvelen
vallen, sneuvelen {ww.}
vallen
sneuvelen {ww.}
sneuvelen {ww.}
ik sneuvel
jij sneuvelt
hij/zij/het sneuvelt
ik val
jij valt
hij/zij/het valt
» meer vervoegingen van vallen
Laat vallen.
Laat vallen.
Waar gehakt wordt vallen spaanders.
Waar gehakt wordt vallen spaanders.
vergaan, ondergaan, verongelukken, sneuvelen, omkomen, creperen {ww.}
vergaan
ondergaan
verongelukken
sneuvelen
omkomen
creperen {ww.}
ondergaan
verongelukken
sneuvelen
omkomen
creperen {ww.}
ik crepeer
jij crepeert
hij/zij/het crepeert
ik verga
jij vergaat
hij/zij/het vergaat
» meer vervoegingen van vergaan
Wanneer ze zal vergaan weet niemand
Wanneer ze zal vergaan weet niemand
Door hetgeen men zelf wil, kan men geen onrecht ondergaan
Door hetgeen men zelf wil, kan men geen onrecht ondergaan
breken, sneuvelen {ww.}
breken
sneuvelen {ww.}
sneuvelen {ww.}
ik breek
jij breekt
hij/zij/het breekt
ik breek
jij breekt
hij/zij/het breekt
» meer vervoegingen van breken
Je moet je beloftes niet breken.
Je moet je beloftes niet breken.
Het ijs zal breken onder je gewicht.
Het ijs zal breken onder je gewicht.
vallen, sneven, sneuvelen {ww.}
vallen
sneven
sneuvelen {ww.}
sneven
sneuvelen {ww.}
ik sneuvel
jij sneuvelt
hij/zij/het sneuvelt
ik val
jij valt
hij/zij/het valt
» meer vervoegingen van vallen
Laat dat glas niet vallen.
Laat dat glas niet vallen.
In oktober beginnen de bladeren te vallen.
In oktober beginnen de bladeren te vallen.