Vertaling van strop
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
schade , verlies, strop, nadeel, deficit {zn.}
schade
verlies
strop
nadeel
deficit {zn.}
verlies
strop
nadeel
deficit {zn.}
Verlies je handtas niet.
Verlies je handtas niet.
De storm veroorzaakte veel schade.
De storm veroorzaakte veel schade.
strop {zn.}
strop {zn.}
mislukking , strop, fiasco , echec {zn.}
mislukking
strop
fiasco
echec {zn.}
strop
fiasco
echec {zn.}
Het experiment eindigde in een mislukking.
Het experiment eindigde in een mislukking.
strop {zn.}
strop {zn.}
strop {zn.}
strop {zn.}
stropdas , das , strop {zn.}
stropdas
das
strop {zn.}
das
strop {zn.}
Je stropdas zit scheef.
Je stropdas zit scheef.
Die stropdas staat je erg goed.
Die stropdas staat je erg goed.
strik, strop {zn.}
strik
strop {zn.}
strop {zn.}
leng, strop {zn.}
leng
strop {zn.}
strop {zn.}
stroppen {ww.}
stroppen {ww.}
ik strop
jij stropt
hij/zij/het stropt
ik strop
jij stropt
hij/zij/het stropt
» meer vervoegingen van stroppen