Vertaling van zo
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
zo, zooi, bijeenraapsel {zn.}
zo
zooi
bijeenraapsel {zn.}
zooi
bijeenraapsel {zn.}
Zo gezegd, zo gedaan.
Zo gezegd, zo gedaan.
Zo gewonnen, zo geronnen.
Zo gewonnen, zo geronnen.
zo, zodanig, zozeer, even, dermate, dusdanig {bw.}
zo
zodanig
zozeer
even
dermate
dusdanig {bw.}
zodanig
zozeer
even
dermate
dusdanig {bw.}
enfin, nou, wel, welaan, welnu, zo {tw}
enfin
nou
wel
welaan
welnu
zo {tw}
nou
wel
welaan
welnu
zo {tw}
dergelijk, dusdanig, zo, zodanig, zo een, zo'n, zulk, zulk een {aanw. vnw.}
dergelijk
dusdanig
zo
zodanig
zo een
zo'n
zulk
zulk een {aanw. vnw.}
dusdanig
zo
zodanig
zo een
zo'n
zulk
zulk een {aanw. vnw.}
aanstonds, dadelijk, meteen, op staande voet, schielijk, subiet, zo, onmiddellijk {bw.}
aanstonds
dadelijk
meteen
op staande voet
schielijk
subiet
zo
onmiddellijk {bw.}
dadelijk
meteen
op staande voet
schielijk
subiet
zo
onmiddellijk {bw.}
dus, aldus, in dier voege, op die wijze, zo, zodanig, zodoende {bw.}
dus
aldus
in dier voege
op die wijze
zo
zodanig
zodoende {bw.}
aldus
in dier voege
op die wijze
zo
zodanig
zodoende {bw.}
op die manier, op die wijze, zo {bw.}
op die manier
op die wijze
zo {bw.}
op die wijze
zo {bw.}
evenveel, zo, zoveel, zozeer {telw.}
evenveel
zo
zoveel
zozeer {telw.}
zo
zoveel
zozeer {telw.}
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Nederlands
Zo gezegd, zo gedaan.
Zo gezegd, zo gedaan.
Zo gewonnen, zo geronnen.
Zo gewonnen, zo geronnen.
Zo gewonnen, zo geronnen.
Zo gewonnen, zo geronnen.
Zo vader, zo zoon.
Zo vader, zo zoon.
Zo gezegd, zo gedaan.
Zo gezegd, zo gedaan.
Dit is zo deprimerend.
Dit is zo deprimerend.
Ik ben zo terug.
Ik ben zo terug.
Weinig mensen denken zo.
Weinig mensen denken zo.
Ik ben zo terug.
Ik ben zo terug.
Zo is het genoeg.
Zo is het genoeg.
Zo iemand lukt niets.
Zo iemand lukt niets.
Ik ben zo dik.
Ik ben zo dik.
Dit is zo saai.
Dit is zo saai.
Ik ben zo moe!
Ik ben zo moe!
Zo is mijn vader.
Zo is mijn vader.