Betekenis van:
afdoen

afdoen
Werkwoord
  • van het lijf doen
"zijn hoed afdoen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

afdoen
Werkwoord
  • een gerezen vraag of tegenwerping als onbetekenend voorstellen
"Hij deed dat af alsof het een slechte grap was.."
afdoen
Werkwoord
  • een sierraad of kledingstuk afleggen
"Hij had zijn hoed nog niet afgedaan."
afdoen
Werkwoord
  • ten einde brengen, niet langer werkzaam of geldig zijn
"Die zaak heeft al lang afgedaan."
afdoen
Werkwoord
  • (een aangelegenheid, onderwerp) tot een besluit brengen
"afdoen met"
"afgedaan hebben (als [minister])"

Synoniemen

Hyperoniemen